Fascisme - wat het is en hoe het te bestrijden


Name and shame

Wat sommige Blokkers liever niet al te openlijk op hun CV plaatsen…

Vandaag probeert het Vlaams Blok zich voor te stellen als een normale partij, een gezinspartij zelfs. Nochtans is de geschiedenis van het Vlaams Blok en haar leiding doorspekt met geweld en feiten waar ze vandaag liever niet al te openlijk over opscheppen.


1. Operatie Brevier

In 1973 hadden Bert Eriksson, Roger Spinnewijn en John Spinnewijn (van 1991 tot 2003 senator voor het Vlaams Blok) het plan opgevat om met een commando van de VMO naar Oostenrijk te trekken om daar het lijk van de in 1949 overleden nazi-collaborateur Cyriel Verschaeve (zie afbeelding hiernaast) op te graven om hem opnieuw te begraven in Vlaamse grond… Verschaeve moest naar Oostenrijk vluchten omdat hij hier zou vervolgd worden wegens zijn collaboratie met nazi-Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een 8-koppig commando van de VMO trok naar Oostenrijk om het lijk van Verschaeve op te graven en het naar België te smokkelen. Verschaeve werd begraven in Alveringem waar sindsdien ieder jaar een herdenkingsplechtigheid plaats vindt. In 1984 sprak Filip Dewinter namens het Brugse NJSV op deze herdenking. Hij betreurde het dat Bert Eriksson niet aanwezig kon zijn (die zat vast naar aanleiding van het VMO-proces waarin hij veroordeeld was). Na het verbod van de VMO als privé-militie was het echter nog niet gedaan met de VMO. Begin jaren '90 probeerde Eriksson het opnieuw met een groep jongeren onder de naam Odal. Deze groep ging snel ten onder wegens drugsproblemen (!) van de voorzitter. Op 21 juni 2001 vroeg Vlaams Blokker Luc Vermeulen de aanwezigen op een 'Radicale Sporenherdenking' in Antwerpen om samen het VMO-lied te zingen. Vlaams Blokker Rob Verreycken schreef een boek over de VMO waarin de 'helden' vereerd worden…


2. Brugge begin jaren '80: golf van geweld van het NJSV en de VMO

Begin jaren '80 was blijkbaar een gouden periode voor extreem-rechts in Brugge. Die stad herbergt op dat ogenblik een aantal leiders van de Vlaamse Militanten Orde (VMO) en ook een nieuwe generatie jongeren waaronder Filip Dewinter en Frank Vanhecke. De VMO in Brugge werd gedomineerd door de familie Spinnewijn. Vader Roger en zijn 4 zonen trokken de VMO. Zoon Patrick Spinnewijn was vooral actief in het NJSV, samen met Dewinter en Vanhecke. Op 13 april 1980 bezet een commando van de VMO de Brugse Halletoren. Daarbij viel een gewonde. Eén van de VMO'ers op deze actie is een franstalige Brusselaar, Michel Graisse, een wapenhandelaar. In 1982 voert de VMO een aanslag uit op een progressief café, een feit waarvoor drie leden van de familie Spinnewijn worden veroordeeld. Samen met het Nationalistisch Jongstudentenverbond (NJSV) is er in 1982 een "anti-marxistische boekenbeurs" in Brugge. Onder de boeken o.a. werken van nazi-collaborateurs als Leon Degrelle en negationistische boeken (negationisme: ontkennen van de holocaust). In 1985 werd zelfs geschoten op een progressief lokaal in Brugge. De voorzitter van het NJSV was Filip Dewinter, de woordvoerder was Frank Vanhecke die toen al in de partijraad van het Blok zat.


3. Brand in café 'Roeland'

In de nacht van 9 op 10 juni 1997 brandt het in het Gentse secretariaat van het Vlaams Blok, café 'De Roeland'. De bewoners van het pand kunnen nipt aan de dood ontsnappen terwijl de brand het café volledig vernielt. Het Blok schreeuwde moord en brand en organiseerde zelfs een betoging tegen de "rode terreur", met café-uitbater Bruno Verstraete als "martelaar" voorop. Met Blokbuster wezen we er onmiddellijk op dat de brand het werk was van extreem-rechts, maar "toen werd dit door niemand geloofd" aldus De Morgen. De verdeeldheid binnen het Gentse extreem-rechtse milieu zorgde samen met de financiële problemen van De Roeland ervoor dat Bruno Verstraete z'n eigen café in brand stak. De overtuigende argumenten die wij naar voor brachten zorgden ervoor dat het onderzoek zich ging toespitsen op de rol van Verstraete bij de brand. Binnen de maand moest Verstraete bekennen dat hij het zelf had gedaan. Vlaams Blok-leiders Vanhecke en Dewinter, die op 10 juni 1997 bij de eersten waren om de "linkse ratten" te veroordelen, verklaarden dat dit een "individueel geval" zou zijn en dat Bruno Verstraete in een vlaag van "zinsverbijstering" zou gehandeld hebben. Ze stelden zelfs dat hij "geen actief Blok-militant is", al kon Vanhecke "niet ontkennen dat Bruno Verstraete een VB café uitbaatte".


4. KOSMOS - geheime dienst van het Blok

Het Vlaams Blok was tot 1998 de enige partij die een eigen inlichtingendienst had: de Kring voor Onderzoek naar Socialistische en Marxistische Ondermijning van de Samenleving (KOSMOS, 'marxistische' werd naderhand vervangen door 'multiculturele'). Kosmos werd geleid door Luc Dieudonné (alias Jan Stalmans), vandaag een full time medewerker van het Vlaams Blok. De bedoeling van Kosmos is het bespioneren en verzamelen van informatie over iedereen die links is, van radicaal-links tot de vredesbeweging of de vakbonden.

Dat Kosmos niet bepaald subtiel tewerk ging, hebben we met Blokbuster en LSP ook mogen ervaren. In 1996 meldde zich in Brugge een nieuw lid, ene Kim Vandenberghe. De betrokkene probeerde ons te infiltreren en al snel bleek waarom. Kim Vandenberghe bleek een pseudoniem te zijn van Jeroen Mol. Mol was een ex-para die uit het leger gezet werd en in 1994 reeds in opspraak kwam bij een aanval op een jonge migrant in Limburg (hij werd daarbij voor het gerecht verdedigd door advocaat Rob Verreycken). Mol probeerde informatie te verzamelen die later in een speciaal dossier in het blad 'Doorzicht' van Kosmos verwerkt werd. Mol werd ontmaskerd en kon slechts beperkte informatie doorgeven aan Dieudonné die naderhand in zijn artikelenreeks over Blokbuster en Militant Links (de voorloper van LSP) beweerde info gekregen te hebben van "een ontgoochelde student".

In 1998 werd Kosmos opgedoekt na een klacht bij de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Naar verluidt zouden de activiteiten in Nederland verdergezet worden.


5. De doe-het-zelf aanslag van Jeroen Mol

Op 22 januari 1997 werd Brugge opgeschrikt door een heuse bomaanslag. De woning van Jeroen Mol liep zware vernielingen op nadat een granaat ontploft was. De jongeman zelf kon 'op het nippertje' ontkomen en hield er slechts wat schrammen aan over. Dat was niet de eerste keer dat "ze" het op Mol gemunt hadden. In augustus 1996 werd hij al overvallen door 'linkse rakkers' die hem messteken toebrachten.

De aanslag op 22 januari 1997 liep echter niet zoals verwacht. Al snel moest Mol toegeven dat de daders niet in de kringen van Blokbuster moesten gezocht worden (zoals hij eerder verklaarde), maar dat hij zelf de dader was… Mol, niet slim maar wel gevaarlijk, had resten van de touwtjes waarmee hij de bom geplaatst had in zijn broekzak. Hij moest toegeven zelf de bom geplaatst te hebben! Procureur Berkvens die eerder die dag op het radionieuws verklaarde dat de daders moesten gezocht worden "in de kringen van Blokbuster en Militant Links, gesteund door de harde kern uit Gent" had een blunder van formaat gemaakt!

Mol was een gekend figuur binnen het Brugse NJSV en kwam geregeld over de vloer op het partijsecretariaat van het Vlaams Blok in Brugge. Blok-voorzitter Vanhecke moest zich haasten om afstand te nemen van Mol. Andere Blokkers gaven wel toe dat hij actief was in het Vlaams Blok. Naar aanleiding van proces over de bomaanslag werd Mol verdedigd door advocaat Rob Verreycken. Hij werd veroordeeld tot 9 maanden effectieve gevangenisstraf.


6. Wapens voor Zuid-Afrika

In 1995 was er in het Roeselaarse Vlaams Blok café 'De Gezelle' een bijeenkomst van figuren als Roger Spinnewijn (zie hierboven) en andere figuren van radicale fascistische groepen in Europa. Er vond een discussie plaats over het leveren van wapens voor rechtse blanke groepen in Zuid-Afrika (waaronder de Afrikaner Weerstandbeweging). Met het verdwijnen van de apartheid nam de machtspositie van de neo-nazi groepen in Zuid-Afrika af. Om een blank 'thuisland' te creëren in Zuid-Afrika waren wapens en huurlingen nodig. Het leveren daarvan gebeurde onder toezicht van Roger Spinnewijn. In 1995 werd hij hiervoor gearresteerd door de Duitse politie.


7. Ontkennen van de holocaust

De website www.revisionist.com omschrijft Siegfried Verbeke als "de meest dynamische revisionist in België en misschien in heel Europa". Verbeke begon zijn holocaustontkenning in het blad 'Alarm' van de VMO midden jaren '70. Hij begon nadien met het 'Vrij Historisch Onderzoek', een groep die zich bezig houdt met het samenstellen en verspreiden van negationistische (ontkennen van de holocaust) en revisionistische (minimaliseren van de holocaust) lectuur. Tot vandaag bestaat het VHO, zij het als internetbedrijf dat officieel vanuit de VS opereert om het werk van Verbeke verder te zetten. Er bestaat nog steeds een Postbus in Berchem die gebruikt wordt door de groep 'Vogelvrij Historisch Onderzoek' nadat het VHO in gerechtelijke problemen kwam.

Verbeke staat binnen het Vlaams Blok niet alleen met zijn standpunten. Reeds in de jaren '70 prees Roeland Raes (ondervoorzitter van het Vlaams Blok van 1978 tot 2001) het werk van Verbeke als "het passende antwoord op de door links én israëlitische kringen geïnspireerde anti-Duitse en antirechtse hetze". In 2001 moest Roeland Raes ontslag nemen nadat hij zijn mening over de holocaust op de Nederlandse televisie had herhaald. Raes verdween uit de Senaat, de Raad van Bestuur van de Gentse unief en nam ook ontslag als ondervoorzitter.

Ook Karel Dillen, de voormalige voorzitter van het Vlaams Blok, stond in voor de Nederlandse vertaling van het boek 'Nürnberg ou la terre promise' van de Franse negationist Bardèche. In dat boek wordt beschreven hoe de concentratiekampen na de oorlog gebouwd werden met filmdecors uit Hollywood. Het boek wordt vandaag nog altijd verkocht door Siegfried Verbeke.

Huidig Blok-voorzitter Frank Vanhecke houdt zich op de vlakte en laat zich niet betrappen op een uitspraak over de holocaust. Naar aanleiding van de bewering van een rechtse dissident die uit het Blok gestapt was in Brugge en beweerde dat Vanhecke hem tal van revisionistische boeken had bezorgd, kon Vanhecke enkel antwoorden: "Over de geschiedenis spreek ik me niet uit".


8. Aanval op IJzerbedevaart 1996

In 1996 vond het Vlaams Blok dat het sterk genoeg stond om eens een einde te maken aan de te gematigde leiding van de IJzerbedevaart. De partij organiseerde een heuse bestorming van de IJzerbedevaart. Onder leiding van Voorpost-leider Luc Vermeulen zetten de troepen van het Blok een aanval in waarbij rake klappen vielen.

De leiding van het Vlaams Blok was volledig betrokken in de stormloop, maar kreeg bijzonder veel kritiek. Ze slaagden er niet in om een 'putsch' te plegen op de organisatie van de IJzerbedevaart en kregen zelfs af te rekenen met beperkte dissidentie in eigen rangen. Blok-parlementslid Jan Caubergs nam ontslag naar aanleiding van het geweld op de bedevaart. Sindsdien beperkt het Blok zich tot alternatieve vieringen of protest aan de andere oever van de IJzer. De poging om de volledige Vlaamsnationale beweging te domineren, leek mislukt.