Naar aanleiding van de bewering van het Roeselaarse Vlaams Blok gemeenteraadslid Deforche in 'Het Volk' dat Blokbuster in 1991 een aanval zou gedaan hebben op het lokale Blok-café 'De Gezelle', stuurden we volgende rechtzetting naar de redactie.
Lezers van uw krant hebben mij attent gemaakt op een artikel van de hand van Herwig Willaert in de regionale (West-Vlaanderen) editie van het Volk op 6 aug. jl.
Het is een artikel naar aanleiding van een "aanslag" tegen het Vlaams Blok café "De Gezelle". Het artikel laat de uitbater, Vlaams Blok-gemeenteraadslid Filip Deforche, aan het woord. Hij beweert dat de "daders" van de aanslag politieke motieven hadden.
In datzelfde artikel beweert Deforche dat de week voor zwarte zondag in november '91 bij een "inval" door Blokbuster een gewonde viel. Uw journalist vond dergelijke bewering blijkbaar geen voldoende reden om Blokbuster zelf te contacteren, noch om het betrokken politierapport op te vragen. Wellicht dacht uw journalist dat Blokbuster er genoegen mee zou nemen dat de bewering slaat op iets dat 13 jaar geleden zou gebeurd zijn. Indien hij de situatie kende, had hij nochtans moeten weten dat de Gezelle en Deforche er een kwalijke reputatie op na houden. Zo kwam Deforche, in het artikel voorgesteld als een brave huisvader, enkele jaren geleden in opspraak omdat vanuit de Gezelle een illegale wapenhandel met de Afrikaner Weerstandbeweging, een extreem rechts allegaartje dat het verdwijnen van apartheid nooit kon verwerken, was opgezet. Dat is geen loze bewering, maar een zaak die destijds voor heel wat opschudding zorgde en waarvan ongetwijfeld juridische sporen zijn overgebleven.
Als oprichter van Blokbuster Roeselare kan ik u alvast verzekeren dat Blokbuster nooit is binnen gevallen in De Gezelle. Je zal daarover trouwens geen politieverslag vinden terwijl je er toch van uit mag gaan dat Deforche zo'n buitenkans niet zou laten liggen. Deforche dacht wellicht dat Blokbuster er na 13 jaar niet meer over zou vallen en dat dus het moment gekomen was om de geschiedenis wat op te smukken. Blokbuster organiseerde destijds echter wel degelijk met enkele scholieren een protestactie aan de ingang van de Gezelle tegen een Vlaams Blok bijeenkomst. We werden toen door een buiten stormende horde aangevallen. Een van de Vlaams Blokkers (Blokbuster heeft steeds een latere volksvertegenwoordiger verdacht) sloeg met een ijzeren staaf om zich heen pardoef op een medestander, naar verluidt een provincieraadslid van het Blok. De politie heeft de dader geïdentificeerd, zowel het slachtoffer als de dader waren Vlaams Blokkers.
Mag ik u er voorts op attent maken dat het artikel nog een aantal frappante tegenstrijdigheden bevat. In de eerste paragraaf werd een molotovcocktail tegen de cafédeur gegooid (aldus) in de nacht van woensdag op donderdag. Volgens diezelfde paragraaf hield "de zware voordeur" "de vlammen buiten".
Twee paragrafen later komt Deforches vrouw thuis van haar nachtwerk. Ze stelt een "scherpe pertroleumgeur" vast "in" het café. Kortom de zware voordeur hield de vlammen buiten, maar niet de petroleum. Op de dorpel ziet ze een kapotte fles "staan", niet liggen, maar staan, "de flessenhals met lont lag naast de fles", "wellicht kapotgesprongen door de hitte", dus niet zoals in paragraaf één door ze tegen de zware cafédeur te gooien. Heel dat verhaal doet mij denken aan vergelijkbare verhalen over aanslagen tegen het Blok. Zo brandde destijds de Gentse Roeland af nadat uitbater en Vlaams Blok lid Bruno Verstraete gepoogd had de verzekeringsmaatschappij op te lichten, ook toen beweerde men dat de daders bij extreem-links gezocht moesten worden.
Voor Blokbuster,
Eric Byl